Uitspraken Tuchtraad 2018

Uitspraken Tuchtraad 2018

2018-016 Ongegrond bevonden klacht
Aangeslotene bedient zich in het onderhavige geval bij de uitvoering van de rechtsbijstandverzekering van een uitvoerder. In een dergelijke situatie kan aangeslotene onder omstandigheden worden aangesproken op de wijze waarop de uitvoerder heeft geopereerd. In de onderhavige kwestie ziet de Tuchtraad aanleiding het handelen van uitvoerder indirect te toetsen, vanwege de nauwe en structurele band tussen aangeslotene en uitvoerder. Indien sprake zou zijn van laakbaar handelen in gedragsrechtelijke zin, is het aangeslotene die verantwoordelijk is voor de uitvoering van de rechtsbijstand, die zij heeft uitbesteed aan uitvoerder. Daarmee is aangeslotene tuchtrechtelijk verantwoordelijk voor het gedrag van uitvoerder.

Op de rechtsbijstandverlener rust geen verplichting in het belang van de wederpartij een de-escalerende rol te vervullen. De rechtsbijstandverlener is immers een partij-vertegenwoordiger. Jegens de wederpartij dient de rechtsbijstandverlener zich, naar analogie van de tuchtrechtspraak voor advocaten, slechts te onthouden van grensoverschrijdende gedragingen. De Tuchtraad ziet geen aanleiding te concluderen dat sprake is geweest van grensoverschrijdend gedrag waarvan uitvoerder zich had behoren te onthouden.

 

2018-015
Gelet op de ter zitting gevoerde discussie, de verwevenheid van de tuchtrechtelijke vragen met vragen over het materiële geschil en de feiten (waarover tussen partijen onenigheid bestaat), en de wenselijkheid dat partijen voortvarend met elkaar in gesprek treden, verwijst de Tuchtraad de zaak ter verdere behandeling en beslissing door naar het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening.

 

2018-014 Ongegrond bevonden klachten.
De systematiek dat de dossierbehandelaar bepaalt wanneer medisch advies noodzakelijk is, acht te Tuchtraad op zichzelf niet klachtwaardig. Voor de rol van de dossierbehandelaar in die systematiek valt aan te voeren dat de dossierbehandelaar ook de andere aspecten die in de zaak een rol spelen overziet. Het misverstand bij de dossierbehandelaar dat het dossier nog niet gereed was voor medisch advies levert geen tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen op.

Dat de gelaedeerde een zekere druk ervaart tijdens onderhandelingen om tot een vaststellingsovereenkomst te komen, is inherent aan het proces. Deze druk was niet van dien aard dat hij als ongeoorloofd dient te worden aangemerkt. Daarbij neemt de Tuchtraad in aanmerking dat klager zijn belangen liet behartigen door een professionele belangenbehartiger.

 

2018-013 Ongegrond bevonden klacht
Het staat aangeslotene vrij een ingediende claim te onderzoeken en de informatie te vergaren die zij nodig heeft voor de beoordeling van die claim en voor de vaststelling van het bedrag dat moet worden uitgekeerd. Aangeslotene had meer de leiding kunnen en moeten nemen bij de afwikkeling van de schade en meer in het bijzonder bij het vlottrekken van de discussie tussen partijen. De Tuchtraad is van oordeel dat niet is gebleken dat aangeslotene een bewust vertragingstraject voerde. De Tuchtraad neemt in aanmerking dat aangeslotene tijdens de behandeling voorschotten is blijven betalen en dat zij heeft erkend dat de communicatie beter had gekund en dat zij hier lering uit trekt. Alles in ogenschouw nemend, is de Tuchtraad van oordeel dat geen sprake is van klachtwaardig handelen in de zin van enige gedragscode.

 

2018-012 Onzorgvuldige schadebehandeling
Gegrond bevonden klachten. De behandeling van de schade heeft in verschillende fasen van die behandeling vertraging opgelopen en de Tuchtraad is van oordeel dat aangeslotene niet de van haar te verwachten voortvarendheid in acht heeft genomen. Daarnaast heeft aangeslotenen in haar communicatie onvoldoende laten blijken dat zij zich bewust was van het effect van het onderzoek op klaagster. Zij heeft klaagster onvoldoende geïnformeerd over de status van de behandeling van de schade en haar voorts ten onrechte niet meegedeeld dat aanleiding bestond voor het doen van een nader onderzoek dat naar zijn aard mede de persoonlijke levenssfeer van klaagster kon raken. Aangeslotene heeft daarnaast naar aanleiding van vragen van de Tuchtraad over het gehouden onderzoek, mede in verband met de inzage in de telefoon van klaagster, onvoldoende inzicht gegeven in wat haar beleid is ten aanzien van het doen van feitenonderzoek en persoonlijk onderzoek en in wat deze onderzoeken inhouden. Aangeslotene heeft hierbij ook onvoldoende inzicht gegeven in hoe de procedures ten aanzien van deze onderzoeken intern zijn vastgelegd, en niet laten blijken dat deze aansluiten bij de geldende gedragscodes, waaronder de Gedragscode Persoonlijk Onderzoek. Aangeslotene heeft erkend dat zij fouten heeft gemaakt en dat zij een deel van haar procedures op grond daarvan heeft herzien. Het Verbond heeft aangeslotene gewaarschuwd conform het advies van de Tuchtraad.

 

2018-005, -006, -007, -008, -009, -010, -011 Klaagster niet ontvankelijk
In zeven identieke klachten tegen verschillende aangeslotenen verwijst de Tuchtraad naar zijn uitspraak van 17-008. Er is niet voldaan aan het voor toegang tot de Tuchtraad geldende vereiste dat tussen degene die een belanghebbende terzijde staat en een dergelijke belanghebbende een concrete, aan een bepaalde kwestie ontleende, band bestaat. Klaagster is daarom niet ontvankelijk in haar klachten.

 

2018-004 Klaagster niet ontvankelijk
Hoewel klaagster diverse organisaties, verzekerden en belanghebbenden pleegt bij te staan, stelt de Tuchtraad vast dat klaagster de klacht niet namens een in de bijlage genoemde belanghebbende, maar op eigen titel heeft ingediend. Uit de informatie die klaagster heeft verschaft blijkt niet dat klaagster in een eigen belang is getroffen. Klaagster is daarom niet ontvankelijk in haar klachten.

 

2018-003 Klaagster niet ontvankelijk
Voor toegang tot de Tuchtraad is vereist dat de belanghebbende namens wie de klacht wordt ingediend, in een eigen belang is getroffen. Uit de informatie die is verschaft blijkt hiervan geen sprake te zijn. De Tuchtraad verklaart klaagster niet ontvankelijk in haar klacht.

 

2018-002 Klaagster niet ontvankelijk
De klacht is gericht tegen een rechtspersoon die geen lid is van het Verbond van Verzekeraars. Zij is daarmee geen aangeslotene in de zin van artikel 1 onder d van het Reglement. Dit betekent dat de Tuchtraad niet bevoegd is het handelen of nalaten van de rechtspersoon te toetsen aan de Gedragscode. Voor zover de klacht betrekking heeft op het handelen of nalaten van de verzekeringsadviseur is de Tuchtraad evenmin bevoegd daarover een oordeel te geven nu ook de verzekeringsadviseur geen aangeslotene is in de zin van artikel 1 onder d van het Reglement.

 

2018-001 Klaagster niet ontvankelijk
De verwijten die klaagster aangeslotene maakt komen in de kern hierop neer dat aangeslotene bij de behandeling van de letselschade van de gelaedeerde bewust niet voldoende voortvarend heeft gehandeld en dat zij bij de afwikkeling van de letselschadezaak het belang van klaagster (als aansprakelijk gestelde partij) heeft achtergesteld bij dat van haarzelf (beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar) door niet te voorkomen dat een aanzienlijk deel van de schade van de gelaedeerde voor rekening van klaagster is gekomen. Vaststaat dat klaagster en aangeslotene nog in debat zijn over het bereiken van een regeling. Zolang een dergelijke regeling niet tot stand is gekomen, dan wel vaststaat dat een regeling er niet zal komen, acht de Tuchtraad het beoordelen van de tuchtrechtelijke aspecten van de behandeling van deze letselschadezaak niet mogelijk. Een tuchtrechtelijk oordeel is gelet op de aard van de discussie tussen partijen immers mede afhankelijk van de uitkomst van het civielrechtelijke geschil. Dat brengt mee dat klaagster bij de huidige stand van zaken niet ontvankelijk is in haar klachten.